Archeologierapporten

Indicator Aantal ingediende archeologierapporten
Indicatornr. Evarch 32
Frequentie Jaarlijks
Meeteenheid Aantal archeologierapporten
Meetmethode Telling van ingediende archeologierapporten
Brondata Download brondata

Omschrijving

Een erkend archeoloog maakt een archeologierapport op na het afronden van:

De erkende archeoloog bezorgt het archeologierapport binnen de twee maanden na het beëindigen van het onderzoek of de opgraving aan het agentschap Onroerend Erfgoed. In dit rapport beschrijft de archeoloog bondig de uitgevoerde werken en de eerste resultaten ervan. Hij beschrijft ook de verdere aanpak van wat er nog moet gebeuren en een voorstel over het bewaren of deponeren van het archeologisch ensemble.

De indicator telt per jaar het aantal ingediende archeologierapporten. Erkende archeologen hebben twee maanden de tijd na het beëindigen van het veldwerk van de opgraving om een archeologierapport in te dienen. Daarom zal het aantal ingediende archeologierapporten per jaar niet overeenkomen met het aantal vooronderzoeken of opgravingen waarvoor veldwerk gebeurde of voltooid raakte in datzelfde jaar.

De indicator maakt een onderscheid binnen archeologierapporten naargelang de aanleiding van het archeologisch onderzoek.

Grafische voorstelling

Toelichting

In 2019 dienden erkende archeologen in totaal 260 archeologierapporten in. Dit is een stijging van 87 tegenover 2018 (173 archeologierapporten).

201 van de 260 archeologierapporten volgden uit omgevingsvergunningen voor stedenbouwkundige handelingen of een verkaveling waarbij een archeologienota of een nota met aktename een archeologische opgraving verplichtte.

59 archeologierapporten kaderden in een toelating voor archeologisch onderzoek met het oog op wetenschappelijke vraagstelling. 9 van de 59 archeologierapporten kaderden in vooronderzoek met het oog op wetenschappelijke vraagstellingen, 50 in het kader van een opgraving met het oog op wetenschappelijke vraagstellingen.

Archeologisch onderzoek in het kader van een toevalsvondst valt onder onderzoek met wetenschappelijke vraagstellingen. In 2019 werden 15 archeologierapporten ingediend als verslaggeving van een toevalsvondst.

Het archeologisch onderzoek met het oog op wetenschappelijke vraagstellingen gaat niet enkel over academisch onderzoek. Het omvat ook enkele onderzoeken die kaderen in vergunningsplichtige handelingen die nog voortkomen uit de overgang van het Archeologiedecreet naar het Onroerenderfgoeddecreet. Na 1 april 2016 konden prospectie- en opgravingsvergunningen volgens het Archeologiedecreet alleen nog maar worden aangevraagd als er een verleende stedenbouwkundige vergunning voorhanden was met daarin een voorwaarde over archeologie opgenomen. Deze vergunning moest aangevraagd zijn voor 1 juni 2016. Wanneer een initiatiefnemer in die situatie toch proactief vooronderzoek wilde uitvoeren voorafgaand aan het verlenen van de vergunning (nog geen vergunning voorhanden en dus geen grond voor een prospectievergunning volgens de vroegere regelgeving), dan gebeurde dit via een toelating voor vooronderzoek uit wetenschappelijke vraagstelling.

Bij beschermd onroerend erfgoed kunnen vanuit het beschermingsbesluit direct werkende normen gelden die archeologische flankerende maatregelen noodzakelijk maken. Wanneer handelingen gebeuren aan dit erfgoed die niet vergunningsplichtig zijn, of die dat wel zijn maar omwille van hun beperktere omvang niet in het reguliere archeologische traject terechtkomen, gebeurt het nodige onderzoek via de procedure voor wetenschappelijke vraagstellingen.

Timing

Einddatum huidige meting 31-12-2019
Meetfrequentie Jaarlijks
Datum publicatie meting 30-04-2020
Datum publicatie volgende meting 30-04-2021

Referentie

Code van goede praktijk voor de uitvoering van en rapportering over archeologisch vooronderzoek en archeologische opgravingen en het gebruik van metaaldetectoren